Aanmelden | Contact
Zoeken

Dordrecht: Koninklijke onderscheidingen Dordtenaren 1903-1940(1946-1949/1953/1960/1971)


Bron: Regionaal Archief Dordrecht (was Erfgoedcentrum DiEP)
Toegang: 8A1945 en 8A1960
Inventarisnummers:
8A1945-3132 (over 1903-1919); 8A1945-3133/3134/3135 (a t/m z); 8A1945-3136 (a t/m z); 8A1945-3142 + 3143 + 3144 + 3145 (over 1930-1940);
8A1960-2285 (over 1946); 8A1960-2286 (over 1947); 8A1960-2287 (over 1948); 8A1960-2288 (over 1949); 8A1960-2292 (over 1953); 8A1960-2306 (over 1960 A-L); 8A1960-2307 (over 1960 K-R); 8A1960-2308 (over 1960 S-Z); 8A1980-2708 (over 1971 A-F); 8A1980-2709 (over 1971 G-K); 8A1980-2710 (over 1971 L-R) 8A1980-2711 (over 1971 S-Z);
;

(transcriptie E. van Dooremalen)(scans verkrijgbaar)


Koninklijke onderscheidingen 1903-1940(1949)

Albertus Hendrikus van Dullink


Geboren: 8-5-1852 te Apeldoorn
Wonende: A. van Bleijenburgstraat 32rd (Dordrecht)
Functie: onderwijzer B.L.O.
Onderscheiding: eremedaille verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau, in goud (K.B. 8-2-1932)
Uitreiking: 3 maart 1932

Aanmerkingen:
- (Dordrecht 13 November 1931) Ondergeteekenden, allen leden van den kon. Nederl. Bond van Oud-onderofficieren, afd. Dordrecht, welke afdeeling de eer heeft Uedelachtb. haar beschermheer te mogen noemen, nemen hierbij de vrijheid met het volgende tot U te komen.
De afdeeling Dordrecht van genoemden Bond is opgericht den 3en Maart 1892, op aanstichting van den heer A.H. van Dullink, die in de oprichtingsvergadering benoemd is tot voorzitter. Als de afdeeling het volgend jaar haar 40-jarig bestaan zal vieren, waartoe reeds voorbereidende maatregelen genomen worden, zal tevens herdacht worden het feit, dat de Heer van Dullink gedurende veertig jaar onafgebroken voorzitter is geweest. En hij is dit geweest op een wijze ver boven alle lof verheven. Steeds stond hij op de bres, als de belangen der afdeeling dat eischten en als kameraden geholpen moesten worden. Menig oud-onderofficier heeft hij niet alleen stoffelijken steun kunnen verleenen met medewerking van door hem opgewekte anderen, maar ook zijn moreele steun is in vele gevallen meer waard geweest dan financieele hulp. Hij was het, die in 1900 het initiatief nam voor het houden van een schietwedstrijd ten voordeele van de strijdende Zuid-Afrikaansche Boeren, aan wier hoofdmannen een flinke som als resultaat van dien wedstrijd kon worden afgedragen.
Het is daarom, dat ondergeteekenden zich tot Uedelachtb. wenden met beleefd verzoek pogingen in het werk te willen stellen om den heer van Dullink ter gelegenheid van zijn 40-jarige voorzitterschap van de afdeeling Dordrecht van den Kon. Nederl. Bond vavn Oud-onderofficieren, die behalve de kameraadschap ook in haar vaandel voert "Trouw aan Koningin en Vaderland" te doen begiftigen met het ridderkruis der Oranje-Nassau-orde. Daardoor zal een verdienstelijk mensch en een goed burger naar waarde worden gehuldigd. 
Hoogachtend van uedelachtb. de dienstw. dienaren,
de Vice-Voorzitter (get) J. Eijses, Wantijstraat; de secretaris (get) Slijkerman(?), de penningmeester (get) W.B. Ausum; de leden (get.) ......P. van Heck...K.M. Kaper...Joh. Dreef... P. Vogelzang.. Ruitenberg... Lagemaat.. K.J. Kleijn... van Beuge;
- (Dordrecht 21 November 1931) naar aanleiding van Uw bovenaangehaald schrijven heb ik de eer U mede te deelen, dat ik er met belangstelling kennis van nam, dat de heer Van Dullink op 3 maart 1932 gedurende 40 jaar Voorzitter is geweest van de afdeeling Dordrecht van den Koninklijken Nederlandschen Bond van Oud-Onderofficieren. Ik heb voor het werk, dat de heer van Dullink in die qualiteit gedurende zoo langen tijd heeft verricht, alle waardeering, doch meen, dat die arbeid niet een zoodanige karakter draagt, dat een voordracht mijnerzijds tot toekenning van de door U genoemde onderscheiding aan den heer Van Dullink, kans van slagen zou hebben. Om die reden kan ik geen aanleiding vinden aan Uw verzoek mijne medewerking te verleenen. De Burgemeester van Dordrecht (get) de Gaay Fortman.
- (Dordrecht 10 December 1931) Naar aanleiding van Uw schrijven van 8 December 1931 inzake toekenning eener Koninklijke Onderscheiding aan den heer Van Dullink, heb ik de eer U mede te deelen, dat ik het op prijs zou stellen over deze kwestie met een of meer leden van Uw bestuur een bespreking te hebben. Gaarne zal ik U voor dit doel ten stadhuize ontvangen op Vrijdag 11 December 10.30 uur v.m. wanneer deze dag U althans gelegen komt. De Burgemeester van Dordrecht (get) de Gaay Fortman.
- (Dordrecht 9 Januari 1932) Op 3 Maart a.s. is het 40 jaren geleden, dat de afdeeling Dordrecht van den Koninklijken Nederlandschen Bond van Oud-onderofficieren werd opgericht; op dien dag wordt teven shet feit herdaacht, dat de heer A.H. Dullink gedurende al die jaren het voorzitterschap ervan heeft bekleed.
Albertus Hendrikus van Dullink is 8 mei 1852 te Apeldoorn geboren en is gedurende 49 jaren als onderwijzer werkzaam geweest, sedert zijn vestiging hier ter stede, op 1 Mei 1896 bij de Dordtsche Schoolvereeniging voor Neutraal Onderwijs (voorheen de Schoolvereeniging voor bijzonder Lager Onderwijs). Hij si in 1921 als zoodanig gepensionneerd en woont alhier Adriaan van Bleijenburgstraat no. 32 rd. Met hart en ziel heeft hij zich steeds gewijd aan de belangen van de bovengnoemden bond georganiseerde oud-onderofficieren.
Steeds stond hij hen na het verlaten van den militairen dienst met raad ter zijde en velen heeft hij met succes geholpen bij het zoeken naar een betrekking in de burgermaatschappij. Verder is de heer van Dullink gedurende vele jaren correspondent voor Dordrecht geweest van het Ondersteuningsfonds van het Nederlandsch Onderwijzers Genootschap. Ook in die functie, welke hij nog steeds bekleedt, heeft hij belangeloos mooi sociaal werk verricht en op zeer kiesche wijze er toe medegewerkt, dat onderwijzers, die door bijzondere omstandigheden steun noodig hadden, deze uit genoemd fonds werd verstrekt.
Ik vind in deze antecedenten aanleiding U te verzoeken, wel te willen bevorderen, dat aan den heer Van Dullink op 3 Maart a.s. een koninklijke onderscheiding wordt toegekend en wel de gouden eeremedaille, verbonden aan de orde van Oranje Nassau. Indien dit verzoek wordt ingewilligd, zou ik het op prijs stellen, het desbetreffend bericht te mogen ontvangen, opdat ik hem op den jubileumdag daarvan persoonlijk mededeeling zou kunnen doen. De Burgemeester van Dordrecht (get) de Gaay Fortman.
- ('s-Gravenhage 25 Februari 1932) Met verwijzing naar Uwen brief van 9 Januari 1932, nr 1063 Kabinet, heb ik de eer U mede te deelen, dat het Hare Majesteit de Koningin behaagd heeft bij Haar Besluit van 8 Februari 1932 nr 38 aan den Heer A.H. Dullink, de gouden Eeremedaille in de Orde van Oranje-Nassau te verleenen.
Ik verzoek U den belanghebbende hiermede in kennis te stellen, hem het hiernevens gevoegde pakket te overhandigen en hem tevens, mede te deelen, dat het verschuldigde zegelrecht ad f 1 bij mijn Departement wordt ingewacht. De Minister vna Defensie.


(bron: Erfgoedcentrum DiEP/Stadsarchief Dordrecht 8A1945-3142 (over 1930-1940))

Laatst gewijzigd: oktober/november 2009, maart 2020.