Aanmelden | Contact
Zoeken

Dordrecht: Koninklijke onderscheidingen Dordtenaren 1903-1940(1946-1949/1953/1960/1971)


Bron: Regionaal Archief Dordrecht (was Erfgoedcentrum DiEP)
Toegang: 8A1945 en 8A1960
Inventarisnummers:
8A1945-3132 (over 1903-1919); 8A1945-3133/3134/3135 (a t/m z); 8A1945-3136 (a t/m z); 8A1945-3142 + 3143 + 3144 + 3145 (over 1930-1940);
8A1960-2285 (over 1946); 8A1960-2286 (over 1947); 8A1960-2287 (over 1948); 8A1960-2288 (over 1949); 8A1960-2292 (over 1953); 8A1960-2306 (over 1960 A-L); 8A1960-2307 (over 1960 K-R); 8A1960-2308 (over 1960 S-Z); 8A1980-2708 (over 1971 A-F); 8A1980-2709 (over 1971 G-K); 8A1980-2710 (over 1971 L-R) 8A1980-2711 (over 1971 S-Z);
;

(transcriptie E. van Dooremalen)(scans verkrijgbaar)


Koninklijke onderscheidingen 1903-1940(1949)

Schilleman van Rees


Geboren: 18-11-1894 te Maassluis
Wonende: Krispijnseweg 93rood (Dordrecht)
Functie: directeur-veilingmeester v/d Vereniging Groenten- en Fruitveiling te Zwijndrecht
Onderscheiding: -
Uitreiking: -

Aanmerkingen:
- (Zwijndrecht 23 Februari 1948) In het voorjaar 1948 zal de Vereniging 'Groenten- en Fruitveiling Zwijndrecht en Omstreken' haar 30-jarig bestaan herdenken. Uit de kring van het veilingbestuur vraag men mij in verband hiermede te willen bevorderen, dan aan één of meer personen, welke in de veiling leiding geven, ter gelegenheid van dit jubileum een Koninklijke onderscheiding wordt verleend. Ik heb gaarne aan dit verzoek voldaan. Beide personen, welke in dit verband worden genoemd, zijn woonachtig in Uw gemeente. Ik meen daarom goed te doen U een doorslag van de betreffende correspondentie ter kennisneming te doen toekomen. Ik verzoek U beleefd vorr zoveel nodig Uwe medewerking te willen verlenen. De Burgemeester van Zwijndrecht.
- (Zwijndrecht 23 Februari 1948; aan de Commissaris der Koningin) Tegen het einde van April 1948 zal de Vereniging 'Groenten- en Fruitveiling Zwijndrecht en Omstreken' haar 30-jarig bestaan herdenken. Gelijktijdig zal het dan 45 jaar geleden zijn, dat in Zwijndrecht met het veilen van groenten en fruit werd aangevangen.
De bevolking te dezer plaatse bestaat voor een groot deel uit tuinders; het jubileum trekt dan ook in brede kring zeer de aandacht en zal met veel enthousiasme worden gevoerd. Ook in de omgeving zal dit zeer de aandacht trekken, omdat de tuinbouwers uit de aangrenzende gemeenten grotendeels eveneens in de Zwijndrechtse veiling georganiseerd zijn.
Naar mij uit de kring van het veilingbestuur wordt medegedeeld, zou de tuindersstand het wel zeer waarderen, indien ook het provinciaal bestuur voor het komende jubileum belangstelling wilde tonen en voorts ook, dat de landsregering haar waardering voor het veilingwezen ter plaatse zou willen kenbaar maken door het verlenen van een koninklijke onderscheiding aan één of meerdere personen, welke daarin voor langere of kortere tijd leiding hebben gegeven. Daarvoor zouden dan in aanmerking kunnen komen:
(a) de heer S. van Rees, gedurende 30 jaren directeur-veilingmeester, wonende te Dordrecht, Krispijnseweg 93 en/of
(b) P. van Noort, een der oudste en meest op de voorgrond tredende tuinders, wonende te Dordrecht, Dubbeldamseweg 175.
Nadere inlichtingen nopens deze beide heren gelieve U aan te treffen op de bijlagen.
Aan het verzoek om medewerking in deze, voldoe ik gaarne. Ik moge U daarom beleefd verzoeken wel te willen bevorderen, dat aan één of beide heren een Koninklijke onderscheiding wordt verleend. De burgemeester der gemeente Dordrecht heb ik terzake ingelicht. Ik verzocht hem tevens voor zoveel nodig eveneens medewerking te willen verlenen. Mocht aan het verzoek kunnen worden voldaan, dan zou ik het wel zeer waardering, indien de koninklijke onderscheiding bij gelegenheid van de op 22 April 1948 te houden jubileum-bijeenkomst door mij mocht worden uitgereikt. Ingeval het bezwaar ontmoet om in dit geval een koninklijke onderscheiding te verlenen, dat ware mogelijk te overwegen of wellicht op enige andere wijze de regering van haar belangstelling voor dit jubileum zou kunnen doen blijken. In tuinbouwkringen zou dit wel bijzonder op prijs gesteld worden. De Burgemeester van Zwijndrecht (get.) C. Slobbe.
[BIJLAGE] Enige gegevens betreffende de ontwikkeling van het Veilingwezen te Zwijndrecht, in verband met het 45-jarig bestaan van het Veilingwezen, het 30-jarig bestaan van de Vereniging 'Groenten- en Fruitveiling Zwijndrecht en Omstreken' en het jubileum van de heer S. van Rees, die tegelijkertijd zal herdenken, dat hij 30 jaar aan deze Vereniging verbonden is.
In April 1943 was het veertig jaren geleden, dat in Zwijndrecht begonnen werd met het veilen van Groenten- en Fruit. In verbadn met de oorlogsomstandigheden is de herdenking van dit feit uitgesteld geworden tot April 1948, en is momenteel eem commissie werkzaam om deze feestelijkheden voor te bereiden. Hieronder volgt een beknopt overzicht der historie.
Nadat eind 1902 en begin 1903 enige vergaderingen gehouden waren; en in Februari 1903 door enige tuinders een excursie naar het Westland gemaakt werd om daar enige veilingen te bezoeken, werd op 17 April 1903 de eerste veiling gehouden door de Vereniging "Zwijndrechts Belang". In 1904 werd naast de bestaande veiling een andere Veiling-vereniging opgericht, die men "De Volharing" noemde. De samenwerking tussen deze beide verneigingen was van onaangename aard, en in 1907 werden door bemiddeling van het Gemeentebestuur deze beide verenigingen samengevoegd, en kwam onder gemeentelijk Voogdij te staan. De burgemeester werd voorzitter van deze Vereniging, die genoemd werd "Zwijndrechts Veiling Comité".
Hiernaast werd in 1913 een verzendvereniging opgericht met het speciale doel om groenten en fruit te exporteren. In verband met de in 1914 uitgebroken oorlog, heeft deze vereniging slechts kort bestaan.
"Het Zwijndrecht Veiling Comité" heeft echter stand gehouden tot begin 1918. In de 10 jaar van haar bestaan werd voor een totaal bedrag van f 1.739.063,21 geveild. Door dat Zwijndrecht in 1917 een nieuwe burgemeester kreeg, die betreffende het veilingwezen het standpunt van zijn vorganger niet deelde, maar de menign was toegedaan, dat de Veilingen gemeentelijke instelling moest zijn, werd in begin 1918 opgericht de vereniging: 'Groenten- en Fruitveiling Zwijndrecht en Omstreken'. Statuten worden goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van 1 Mei 1918. Deze vereniging was een langere levensduur dan haar voorgangers beschoren en zal in April 1948, tegelijkertijd met de herdenking van het 45-jarig bestaan van het Veilingwezen, het 30-jarig bestaan van deze Vereniging worden herdacht.
Tevens zal dan herdacht worden het feit, dat de Directeur-Veilingmeester, de heer S. van Rees, 30 jaar aan deze vereniging verbonden zal zijn. De heer van Rees is op 18 November 1894 te Maassluis geboren en momenteel woonachtig te Dordrecht, Krispijnseweg 93. Na het l.o. en de m.u.l.o. met goed gevolg doorlopen te hebben, is hij enige tijd werkzaam geweest op een bankierskantoor te 's-Gravenzande, om daarna in dienstbetrekking te treden bij de Veiling te 's-Gravenzande.
Op 8 Juli 1918 werd hij tot administrateur van de Vereniging 'Groenten- en Fruitveiling Zwijndrecht en Omstreken' benoemd, en reeds met ingang van 18 Januari 1919 - dus slechts een half jaar later - op 24-jarige leeftijd, door het heengaan van de toenmalige veilingmeester, in diens plaats benoemd.
De benoeming van de heer VAN REES is en gelukkige geweest, wat uit de volgende punten moge blijken:
(1) Als leider van een steeds groeiende veiling:
in omzet: in 1918 werd voor een bedrag van f 1.239.962,-
1922 geeft een daling te zien tot f 651.921,-
Een hoogtepunt was 1928 toen de omzet in totaal was f 1.700.00,-
Dan volgt er weer een daling tot 1935, toen voor f 887.618 geveild werd.
In 1939 is dit bedrag weer gerezen tot f 1.25.259
In 1941 wordt het f 2.200.00 en in 1945 f 3.491.00, terwijl 1948 opbracht ruim f 4.500.00,--.
in kisten: In 1918 werden de producten voor het merendeel nog in mandne aangevoerd.
In 1922 werden er achter al 424.00 kisten aangevoerd. 
1930 geeft al een kwantum van 1.224.440 stuks. 
1940 brengt het al tot 1.850.809 kisten.
In verband met al het gebrek aan hout geeft 1947 slechts een kwantum van 1.606.00 stuks
in leden: Bij de oprichting traden 220 tuinders als lid toe. In 1928 zijn er al 276 leden. In 1938 staan er 328 ingeschreven, terwijl in 1948 er reeds 430 leden zijn.
in uitbouw: In 1918 werd het bestaande Veiligngebouw op de gemeentelijke losplaats Zomerlust van de gemeente overgenomen. In 1920 wordt op dit terrein een nieuw gebouw geplatst. In verband met de groeiende uitbreiding is in 1925 dit terrein te klein geworden, en wordt een perceel land van 2,5 HA aangekocht, dat in gereedheid wordt gebracht voor de nieuwe veiling. In September 1926 wordt dit terrein met kantoorgebouwen, fust- en pakloodsen in gebruik genomen. In 1937 wordt er een nieuwe fustloods bijgebouwd, die 3 maal zo groot is als de oude. In 1941 worden de kantoren verbouwd en uitgebreid.
in personeel: Deze algehele uitbreiding bracht vanzelf mede, dat er ook meer perosneel kwam. In 1918 werd begonnen met 5 man personeel. 1947 geeft een bezetting van gemiddeld 20 man. De salarispost op de balans is dan ook in verhouding met 1918 6 maal zo groot.
(2) In zijn omgang met menschen:
Zijn positie brengt mee, dat hij moet omgaan met veel en velerlei mensen. Dagelijks had hij besprekingen te voeren met de diverse voorzitters, die de vereniging in die tijd heeft gehad. In de omgang met bestuursleden, leden, kooplieden en personeel, wist hij echter aller achting en vertrouwen te winnen, en botsingen te voorkomen. Vaak ook was hij tussenpersoon bij tegenstrijdige partijen.
Toen hij bij deze vereniging benoemd werd, kreeg men daar iemand, die van Veilingadministratie behoorlijk verstand had; in tegenstelling met het personeel, dat voorheen deze functie vervulde, en dat gewoonlijk of tuinder, of exporteur was. In al de 30 jaren van het bestaan der vereniging zijn door hem alle bestuurs- en ledenvergaderingen bijgewoond. In deze vergaderingen had de heer Van Rees een adviserende stem. Zijn kennis op het gebied van het veilingwezen, reeds in 's-Gravezande opgedaan, kwam hem hier bij deze jonge vereniging prachtig van pas. En zijn adviezen aan het bestuur, afgestemd op de practijk, werden gewoonlijk door het bestuur overgenomen.
In de oorlogsjaren stond hij op de bres voor de belangen der tuiders tegenover de Dutise bezetter. In dit verband willen wij alleen maar noemen de vegraande vordering van paarden en auto's. Steeds weerd probeerde hij dit met het oog op de voedselvoorziening zoveel mogelijk tegen te houden.
Na de capitulatie in Mei 1945 toen practisch geen vervoermiddelen aanwezig waren, en de als van de koude grond in grote kwanti aan de veiling kwam, waar, omdat er geen vervoer was, geen afzetgeboed voor te vinden was, trad hij direct in verbinding met het Militair Gezeg, die de urgentie hiervan inziende, benzine en olie ter beschikking stelde, om dit snel-bedervende product, met schepen naar de grote bevolkingscentra te doen wegvoeren, waardoor de Zwijndrechtse tuinder een financiele ramp bespaard werd.
(3) Als amdinistrateur en financier.
In de 30 jaar van het bestaan der veiling werd voor een bedrag geveild van f 48.000.000, terwijl aan oninbare posten ene bedrag van f 4800 (dus slechts 1/100%) nog aan de hoge kant geschat mag worden. Wel een bewijs, dat hij in de moeilijke jaren van 1931 en later, toen er geweldige betalingsmoeilijkheden met het buitenland waren, met zorg waakte voor de belangen der veiling. Met wijs beleid, en groot doorzicht, werden de te verstrekken credieten aan exporteurs- en kooplieden door hem bepaald.
Toen in de crisisjaren de regering de tuinbouw bij moest springen en de regeringssteun voor de tuinbouw een feit werd, is het meedere malen voorgekomen, dat bij het bekend worden van de gesteunde producten, de producten die op de koude grond geteeld werden, er maar karig afkwamen.
Dit was voor Zwijndrecht een teleurstelling, aangezien hier in tegenstelling met het Westland, waar practisch alle producten onder glas geteeld worden, ook een catergorie van tuinders was, die in 't geheel geen glas, of zeer weinig hadden. Het bestaan dezer tuinders lag de heer van Rees aan het hart, en door de mindere bedrijfssteun, die deze tuinders ontvingen, moest de mogelijkheid niet uitgesloten worden geacht, dat indien de toestand zo zou blijven, meedere tuinders uit deze groep geen bestaan meer zouden hebben.
Het is ongetwijfeld de verdienste van de heer Van Rees geweest, die met uitgebreide statistieken, van de aanvoer van deze producten, kostprijsberekening e.d. aan de toenmalige minister van landbouw Z.E. Deckers aangetoond heeft, dat de steun voor deze tuinders te weinig was om hun bedrijf naar behoren voort te zetten. En met het gewenste resultaat. Want op de eerste lijst van gesteunde producten die uitkwam na de conferentie met de minister, mochten wij waarnemen, dat diverse producten op de volle grond geteeld een hoger steunbedrag kregen, dan totdusver gebruikelijk was.
Op het gebied van administratie steeds strevend naar het nieuwste, zodat het meerdere malen voorgekomen is, dat ideeën van hem door de Accountantsdienst van het Centraal Bureau werden overgenomen, die andere Veilignmeesters adviseerden hun boekhouding in te richten, overeenkomstig dit te Zwijndrecht gedaan werd, en zijn meerdere veiling-directeuren naar Zwijndrecht gekomen om te zien hoe of daar de administratie gevoerd werd. Zo heeft hij b.v. op het gebied van de kistenhuur baanbrekend werk verricht.
Mede daardoor is hij onder zijn collegás een geziene figuur, en zal het geen verwondering wekken te weten, dat hij zitting heeft in het bestuur van de bond voor Veilingpersoneel, groep Directeuren.
- (Dordrecht 1 Maart 1948; Commissariaat van Politie) Onder terugzending van het schrijven van de Burgemeester van Zwijndrecht d.d. 23 Februari jl. met bijgevoegd afschrift-schrijven, gericht aan de Heer Commisaris der Koningin in deze provincie en bijlagen, mij om advies in handen gesteld bij Uw apostille dd 26-2-1948, No. 1908 Kabinet, heb ik de eer Uedelachtbare het volgende te berichten:
(1) Van REES, Schilleman, geboren te Maassluis 18.11.1894, wonende te Dordrecht, Krispijnseweg 93 rood, staat op maatschappelijk gebied alleszins gunstig bekend, terwijl in politiek opzicht tijdens de bezetting eveneens niets te zijnen nadele is gebleken. Bij informatie ter Griffie der Arrondissements-Rechtbank te Rotterdam staan geen strafvonissen te zijnen name ingeschreven.
Aan zijn grote activiteit en stuwkracht als veilingmeester gedurende 30 jaren is het voor een groot deel te danken, dat de Zwijndrechtse veiling tot grote bloei is gekomen, zoals uit de bijgevoegde toelichting kan blijken, hetgeen voor de tuinders van Zwijndrecht en dus ook in het algemeen van groot belang voor die gemeente  kan worden geacht. naar mijn mening is de toekenning van een Koninklijke onderscheiding aan voornoemde persoon alleszins gerechtvaardigd.
(2) Van NOORT, Petrus, geboren te Dordrecht 16.9.1877, is woonachtig te Dordrecht aan de Dubbeldamseweg 175 en oefent aldaar zijn tuindersbedrijf uit. Bij mijn administratie is niets te zijnen andele bekend, terwijl zijn naam niet voorkomt in de kartotheek der P.R.A. Bij informatie ter Griffie der Arrondissements-Rechtbank is gebleken dat hij geen strafvonissen te zijnen laste eheft. Overigens staat Van NOORT mede in maatschappelijk opzicht gunstig bekend.
Betreffende de eventuele toekenning aan betrokkenen van een Koninklijke onderscheiding ter gelegenheid van het 30-jarig bestaan van de Zwijndrechtse Groenten-en Fruitveiling, moge echter het volgende door mij worden opgemerkt:
Zoals uit de bijgevoegde toelichting kan worden opgemaakt veilde Van NOORT in 1907 zijn producten te Zwijndrecht, doch van 1915 tot 1917 te Rotterdam en vevrolgens gedurende enige jaren in Dordrecht om tenslotte in 1926 lid te worden van de Zwijndechtse veiling, waarin hij in 1942 tot bestuurslid werd gekozen.
Hoewel men zeer zeker waardering kan gevoelen voor de ijver en noeste vlijt door Van NOORT aan de dag gelegd bij de opbouw van zijn bedrijf, waardoor hij tevens tot voorbeeld is geweest voor andere tuinders, ben ik van mening, dat hij hiermede in de eerste plaats opvoering van eigen productie en daardoor vergroting van de eigen onderneming heeft beoogd en eventueel de behartiging van de belangen der Zwijndrechste veiling daarbij eerst in de tweede plaats kwam. Wellicht zijn er Zwijndrechtse tuinders, die gedurende langerre tijd dan van NOORT hun producten aldaar hebben geveild.
Het wil mij dan ook voorkomen, dat moet worden betwijfeld of in de herdenking van het 30 jarig ebstaan van meergenoemde vereniging aanleiding kan worden gevinden om Van NOORT te begiftigen met een Koninkijke onderscheiding, omdat m.i. zijn ondernemingslust niet in de eerste plaats was gericht op de meerdere bloei van de Zwijndrechtse veiling, hoezeer, zoals gezegd, diens energie en werklust kan worden gerespecteerd. De Commissaris van Politie.

(bron: Erfgoedcentrum DiEP/Stadsarchief Dordrecht 8A1960-2287 (over 1948))

Laatst gewijzigd: oktober/november 2009, maart 2020.