Aanmelden | Contact
Zoeken

Dordrecht: requestenboek gerecht 1727-1728


Bron: Regionaal Archief Dordrecht
Toegang: 9
Inventarisnummer: 145 (requestenboek gerecht 1727-1728; geen paginanummering)

NB. toegang 9 is per 4-9-2014 vernummerd; het oude nummer van 145 was: 108.


22-07-1728 Cornelia Bax, haar broer en zus Cornelis en Sibilla Bax


(folio 229vs)

A(a)en de Ed: Groot Agtb. heeren die van den geregten en Camere Juditieel der Stad Dordregt.
gesien bij Cornelia Bax, meerderjarige ongehuwde dogter, woonende binnen dese Stad, de requeste bij Cornelis en Sibilla Bax, de broeder en Suster van de Supplte. aan de Ed:e Groot Agtb. heeren den Presiderende Borgermr. en Regeerders deser Stadt overgelevert, mitsgrs. de resp:e appoinctementen van deze Camere van dato den 1e: en 20 junij van desen jaare 1728 dede de Supplianten tegens dese requeste rechriberende Seggen, dat de Suppliante en gerequireerde met de uijterste verwonderingh uijt het voorz: request bij de voorz: Cornelis en Sibilla Bax, de requiranten in desen aan dese Caemere gepresenteert, heeft gesien dat haar Broeder en Suster tragten de Supplte. en haare goederen te brengen onder Curatele en dat ten dien eijnde over de persoon en goederen van haar Supplianten, bij dese Camere een Curateur mogte werden aangesteldt, en dat voorts de goederen en Effecten van de Supplianten

(folio 230)

Soude werden gebrantmerkt op pretext, dat indien de Supplte haere gelden en Effecten mogte in handen krijgen, binnen korte Soude werden ontfutseldt vervremt, en door de handen komen te druijpen waar door het Soude geschapen staen, dat de Supplte. dan tot laste van den armen Soude te vallen, daar nogtans de Suppliante schoon dezelve haar uijtspraak niet gemackelijk heeft Egter onberoemt gesprooken, door Gods genade haar verstandt, sinne en memorie volkomen magtigh is en bij een jder, die met de Supplte. eenige omgangh, en conversatie heeft gehadt voor soodanigen staat bekendt gelijk het zelve (ist nood) Volkomen aan UEd:e Groot Agtb.e zal werden bewesen, dat in tegendeel haare broeder en Suster door het presenteren van dit onbesonne, en voor de Supplte. injurieuse Request genoegsaam aantoonen, indien zij verstand mogte hebben het zelve, in dese Schandelijk Comen te misbruijken hetgeen de Supplte. Leeven aan de Jonkheijt dan aen de quaataerdigheijdt van haare Broeders en Suster wil toeschrijven als hebbende haar broeder nu onlangs eerst bereijt den ouderdom van 22 jaren en door huwelijk meerderjarigh geworden, en haare zuster ruijm 20 jaaren, door gunst van den Souvrijn heeft verkregen brieven van Veniam AEtatis dat ook haar broeder en Suster de Requirante in desen de Supplte. althoos hebben geconsedereert har verstand en zinnen volkomen magtigh te zijn, als zij gezamentlijk op den 15en Decemb:r 1723 met de Supplte: hebben gemaakt voor den nots. Gerard de Haan, en sekere getuijgen een acte van Voogdij war bij zijn haar oom Hendrik Bax tot administrerende, en Sr: Pieter de Bruijn tot toeziende voogt, hade gesteldt; dat ook als Sibilla Bax, nu onlangs hadde versogt van UEd: groot agtb: brieven van voorschrijvens om van den Souverijn te obtineren Veniam AEtatis dezelve neffens haar Broeder Corn. Bax

(folio 230vs)

hebben gerequireert de verklaringh en Consent van de Supplte. gelijk UWEd: Gr: Agtb. ook op het versoek van de gemelde Sibilla Bax niet hebben gedisponeert, alvorens het Consent en verklaaring van den voorz: Cornelis Bax, ende Supplte. was ingekomen al het welk direct Strijdt met het gedragh, het geen Cornelis en Zibilla Bax, jegenwoordigh komen te houden; dat de gezamentlijke requiranten voor haar Supplte. niet behooren bedugt te zijn, dat zij door haar nonchalance en vergunstingh, 't geen God verhoede tot laste van den armen staen te vervallen, nadien de Supplte: althoos behoorlijke wijs, op haer zaken heeft gesteldt, en met de uijterste menagie en zuijnigheijdt geleeft, indiervoegen dat zij binnen den tijd van wijnige jaaren twee hondert guldens heeft gespaert dewelke haare Suster meerder dan zij Supplte. heeft verteerdt, dat het dan de ongeruijmtheijdt selvs is de Supplte; en gerequireerde te bekladden en haar door het overleverde Requeste van de Requiranten bij UWEd:e Gr: Agtb: tegens de notoire Waarheijdt, van versuijm en verquistingh verdagt te maken waar van de Requiranten, geen de minste bewijsen kunnen hebben, dewelke men nogtans behoorde magtigh te zijn, alvorens men soodaningh injurieus Request aan UWEd: groot agtb. hadde gepresenteert, en door welke ongehoorde Veratien, de Supplte. ten uijtterste werdt geincommodeert ende administratie van haare goederen en wel Specialijk ontrent het Sluijten van de Reeckeningh en het overnemen der Effecten van haare gewesene Vogoden en Waar door de Supplte. groot nadeel staet te Lijden, dat de Supplte. voorts geensints ontkent, dat bij testament van haare oudmoeije, Maria Bergheijck is

(folio 231)

aan haar is gemaakt een gelegaeerdt, een obligatie groot Elff honderd Vijfftigh guldens mitsgaders nog een dertig jarige Lijffrente dewelke bij haar overlijden, moeten devolveren, op haar broeder en Suster, die nogtans haar nooijt tot het Stellen van Cautie fidei commissair hebben aangesproken veel min dat de Supplte. daer ontrent noijt Wijgerigh ofte in gebreken Soude zijn gebleeven. Mits welke, en adenre redenen, en middelen (ist nood), nader te deduceren, de Suppliante en gerequireerde alvoorens te antwoorden op het versoek ofte Eijsch, bij de Requiranten bij haer request gedaan, doende presentatie verklaerde te vreden te zijn, ten opzigte van de voorz: obligatie van f 1150 guldens mitsgaders van de dertighjaarige Lijfrente, aan de Supplte. en gerequireerde bij testament van Maria Bergheijck gelegateert, ten behoeven van de requiranten te stellen Cautie fideicommissair, Sustineren de met dese billijke, en overbodige presentatie te mogen volstaen, en dat zulx bij dese Ed:e Camere, alsoo zal werden verklaart, onder benefitie en bij refuijs van dezelve, affslaande de verdere middelen van den Requeste vande Requiranten, bij mede denegatie inpertinentie en irrelevantie, antwoordende Concludeert, ten fine van niet ontfanckelijk, en bij ordine, dat aan de requiranten, haar verdere Eijsch en Conclusie zal werden ontseijdt, Cum Expensis, ofte tot anderen. 'TWelk doende &a; (was get.) Cornelia Bax, H:V:Wetten, Procr.

(In margine stond voor appostil)
Zij dese off Copie van dien gesteldt in handen van Cornelis en Sibilla Bax omme binnen den tijd van agt dagen na d'insinuatie deses op den inhoudt te Repliceren.
Actum den 22e Julij 1728 (was get.) P. Eelbo.

Laatst gewijzigd: juli en oktober 2014 (bewerking van E. van Dooremalen)