Aanmelden | Contact
Zoeken

Dordrecht: requestenboek gerecht 1727-1728


Bron: Regionaal Archief Dordrecht
Toegang: 9
Inventarisnummer: 145 (requestenboek gerecht 1727-1728; geen paginanummering)

NB. toegang 9 is per 4-9-2014 vernummerd; het oude nummer van 145 was: 108.


18-10-1727 confrerie hoveniers (tuinliedenbazen), reglement


(folio 95vs)

Aan de Camere Juditieel der Stad Dordrecht.

Geven met Schuldige respect te kennen de Ondergesz: hoveniers off Baasen thuijnLieden hier ter Stede dat sij Suppl.ten tot haar Leetwesen meer en meer ondervind dat haar vele ongevallen bejegenen die het ruine van haar brootwinning veroorsake door dien dat sij Suppl.ten haar Ontbloot vinden van behoorlijk voorschrift waar bij Soo baasen als knegten in Ordentelijke Discipline mogen gehouden werden waaromme Sij

(folio 96)

Supppl.ten genoot drukt vinden te keeren tot UEd Achtb. ootmoedig versoekende dat UEd. Gr: Achtb: voor een permanente Wet of reglement tot behoudens van haar Suppl.ten Confraterije gelieven te Staturen.

[1]
Dat den eenen baas den andere niet Sal mogen benadeelen met het afnemen en te werkstellen van een knegt die Sijn baas niet vier weken te voren sal gewaarschouwt off de baasen Wederseijts daar in bewilligt Sullen hebben.
[2]
Dat ijder knegt tot onderstant van dese Confraterij Jaarlijks Sal moeten geven twintig Stuijvers, en een Jonge tien Stuijvers.
[3]
Dat ijder baas tot verquikking van Sieken Confrater alle week sal geven twee Stuijvers.
[4]
Dat sij baasen ter begraeffenis Sullen moeten komen soo van haar Confrater als van desselfs huijsvr: off weduwe op een boete vn twaalff Stuijvers.

(folio 96vs)

[5]
Wanneer IJmandt van baas verandert Sonder betaaling gedaan te hebben aanden geweesene baas dat die dan het Werk Sal mogen verbieden aan den Jongst aangestelde baas, die daar aan Sal moeten obedieren tot dat den interdicent sal voldaan Sijn.
[6]
Dat de gene die hoveniersbaas tragt te werden een borgersbaas kint Sijnde twee Jaaren bij een baas sal moeten gewerrkt hebben en een buijte Man Sijnde drij Jaaren, dat deselve Sullen moeten Doen een behoorlijke Proeff die haar van deekens sal werden voorgestelt en ebtaalen en behoeven van de Confraterij Vijff en Seventigh gulden waar van een derde voor den Armen, en Ses gulden voor de knegt der Confraterij Edog Soo den Proeffmeester een loon van een baas is Sal de Soodanige betaalen eens Ses Stuijvers waar van ook een derde Sal zijn voo(o)r den Armen.
[7]
Dat uijt den buijk van de Confraterij Sal genoemt werden een dubbelt getal

(folio 97)

om daar uijt bij mijn Ed. heeren van den Geregten verkosen te werden vier deekens off overluijden waar van twee Jaarlijks aff Sullen gaan en twee nieuwe aangesteld werden tot waarnemen van het gemeen welwezen en doende Jaarlijkcx verantwoording en genietende ijder Ses guldens s'Jaars.
[8]
Dat ook uijt den buijk der Confraterij bij meerderheijt van Stemme Sal aangestelt Werden een knegt tot dat een jongen baas aankomt als Sullende dan voorts de Jognste baas altoos Successievelijk in der tijd knegt Sijn ende beveelen van Deekens gehoorsamen tot ophaalen van Siekgelt alsandersints, en sal genieten alle Jaaren Ses gulden.
[9]
Dat ijder baas Jaarlijcx Sal Contribuere Sestien Stuijvers en elkanderen bewijsen behoorlijk respect Sonder ijemand van de Confraterij qualijk te bejegen op een boete van twee Gulden.
[10]
Dat alle baasen eerst en voor al Sullen te werkStellen haar knegts die borgers Sijn voor de vreemdelingen en geen werk hebebnde Sal een kengt Soo

(folio 97vs)

lang een ander baas dienen tot wederseggen van die baas daar hij bij hoorde.
[11]
Dat een knegt Sonder kennisse van Sijn baas en Silcx in t geheijm geen thuijn werk Sal mogen dien op een boete van Dartigh Stuijvers voor de eerste reijs, drij gulden voor de tweede reijs en voor de derdemaal ter bescheijdenheijt van deekenen en het werk te verbieden tot dat de respective boetens voldaan Sijn.
[12]
Dat alle boetens Sullen komen een derde part ten profijte van den Armen en twee derde voor de Confraterij en betaalt werden aan de resp: deeckenen off haar boekhouder die alle Jaar daar van Sal rekening sal doen.

Voorts onderwerpen haar de Suppl.ten aan wel gemelbehagen van UEd. Gt. Agtb. T welk doende &a. (was get.)
Jacob Groenenbergh, Arij den Binck, Joost Versteeg, Jan Jeljee, voor ons en vervangende voor Gerrit Muije, Lammert Muije, Arij Robol, Jan van Gelder, Pieter Daams, Schalk van der Wijden

(folio 98)

Abraham Donraat, Willem Groenenbergh, Jan Versteeg, Dirck Tol, Cornelis Tol, Staas Riken, Arij Rijken, Jan Arens Robol, Jan Maartens Vli(e)gen(t)hart, Jan van der Wijden, Maarten Vliegenthart, Tieleman Roekert

(In Margine Stond)
De Camere alvorens te disponeren Committeert de heeren Mrs. Jacob vande Graaff, Cornelis van den Honert Schepenen deser Stad omme de nevenstaande req.te met de articulen daar in vervath te examineren en haar Edele Groot agtb: te dienen van derselver Consideratien Ende advijs. Actum den 15 octob. 1727 (was get.) J.v.Vechoven.

Lager Stond.
De Camere gehoort hebbende het rapport van de heeren Commissarissen mitsgrs. gesien ende geexamineert hebbende dese nevenstaande req.te ende geleth hebbende waarop in desen te letten Stonde verklaert dat in het versoek niet Sal werden getreden. Actum den 18 Octob. 1727 (was get.) J.v.Vechoven.

Laatst gewijzigd: juli en oktober 2014 (bewerking van E. van Dooremalen)