Aanmelden | Contact
Zoeken

Ridderkerk: ingekomen stukken 1889-1890-1891-1892-1893-1894-1895-1896-1897-1898-1899-1900-1901


Bron: Stadsarchief Rotterdam
Toegang: 1270
Inventarisnummer: 329 (1889), 330 (1890), 331 (1891), 332 (1892), 333 (1893), 334 (1894), 335 (1895), 336 (1896), 337 (1897), 338 (1898), 339 (1899), 440 (1900), 441 (1901)

* * * scans verkrijgbaar * * *


ingekomen stukken 1893


Ridderkerk: ingekomen stukken 1893

een selectie

- Dordrecht 2 Januari 1893
Aan den Heer Burgemeester van Ridderkerk
Naar aanleiding van het gisteren avond aan den door mij gezonden onderofficier medegegeven bericht, heb ik de eer u Edel Achtbare mede te deelen, dat omtrent het vervoer zoowel te water als te land van ontplofbare stoffen voorschrift zijn gegeven bij de wet van 26 April 1884 (Staatsblad No. 84) en bij Koninklijk Besluit van 15 October 1885 (Staatsblad No. 187).
De Majoor Garnizoen-Comandant, W. van Schijndel.
- Burgemeester a/d Lek
Gisteren door ijs gedrongen van wegen Joh. Smit toegestemd inteloopen in eene gat bij zijn werd, Schipper van Keulen lading 2 kisten dynamiet conto 58 kilo's voor genie kaptein Keijzer Utrecht.
Heb onderhandeld met Keijzer en Pontonniers kommandant Dordrecht, nog geen eind resultaat.
Verneem nu Schip op last en door Smit is verbaald en gebracht overzijde rivier onder uwe gemeente. Zaag met goedvinden van schipper, Kruijff, Burgerm. (niet verzonden);
- Veldw. Ouden Slikkerveer; Hier oogenblikkelijk geen nieuws; wat doet Smit. Gij aftelossen door Moerkerken.
- Kommandant Pontonniers Dordrecht; Te Slikkerveer ligt in ijs bekneld schip met twee kisten dynamiet voor Utrecht; hier geen bergplaats verzoek assistentie. Burgermeester K.;

- 's-Gravenhage den 3/9 Januari 1893.
Met verwijzing naar onze missive van den 6den januari 1891 B no. 45 (3e afd.) G.S. no. 46, hebben wij de eer U hierbij te doen toekomen twee tabellen mopdel A betrekkelijk de uitvoering van art. 45 der wet op het lager onderwijs, met beleefd verzoek, na nauwkeurige invulling één exemplaar aan ons terug te zenden voor of uiterlijk 20 Januari a.s.
Bij de invulling bevelen wij U aan te letten op den inhoud der circulaire van den 28sten october 1890 (Provinciaal blad no. 61) terwijl wat betreft kolom 3 van genoemde tabel, in het hoofd daarvan is in te vullen het jaar 1893 en in die kolom zelf dus het aantal kinderen, dat op 15 Januari van dat jaar als werkelijk schoolgaande bekende stond. Een de rbeide exemplaren is bestemd voor het gemeente-archief.
De Gedeputeerde Staten der provincie Zuid-Holland.
.. voorzitter, ... griffier;

- Provincie Zuid-Holland, gemeente Ridderkerk
STAAT aanwijzende de sommen door het Rijk overeenkomstig art. 45 der wet tot regeling van het lager onderwijs, laatstelijk gewijzigd bij die van 8 December 1889 (Staatsblad no. 175) bij voorschot aan elke gemeente verschuldigd als bijdrage voor de onderwijzers.
Ridderkerk - Bolnes 300 kinderen op 15-1-1893 werkelijk schoolgaand; hoofd der school f 400
Ridderkerk - Dorp 238 kinderen op 15-1-1893 werkelijk schoolgaand; hoofd der school f 400
Ridderkerk - Rijsoord 92 kinderen op 15-1-1893 werkelijk schoolgaand; hoofd der school f 300
Ridderkerk - Pruimendijk 76 kinderen op 15-1-1893 werkelijk schoolgaand; hoofd der school f 250

- Openbare school op het dorp. Op den 14/15 Januari 1893 bedroeg het aantal kinderen als werkelijk schoolgaande bekend staande 238 (het hoofd der school P.J. Emck);
- Openbare school te Bolnes. Op den 14/15 Januari 1893 bedroeg het aantal kinderen als werkelijk schoolgaande bekend staande 300 (het hoofd der school H. Feitsma)(Sedert 1 Jan.: 1 gestorvern, 2 verhuisd naar IJselmonde);
- Openbare school a/d Pruimendijk. Op den 14/15 Januari 1893 bedroeg het aantal kinderen als werkelijk schoolgaande bekend staande 76 (het hoofd der school J.H. Verkerk)
- Openbare school te Rijsoord. Op den 14/15 Januari 1893 bedroeg het aantal kinderen als werkelijk schoolgaande bekend staande 92 (het hoofd der school J.C. de Back)(NB. die 3 k. uit elders zijn nu voordeelig voor de toelage voor het Hoofd nu krijgen wij daarvoor f 300,- en waren die 3 winst dan maar f 250; maar die 3 k. uit elders zijn weder nadeelig omdat er nu noodig zijn. De hulponderwijzer. Waren die 3 er niet dat was 1 hulponderwijzer voldoende.)

- 's-Gravenhage, den 24/28 Januari 1893.
Onderwerp: beschikking
Wij hebben de eer U hiernevens te doen toekonmen onze beschikking hieronder vermeld, met verzoek die aan den belanghebbende uit te reiken na daarvan kennis te hebben genomen.
De Gedeputeerde Staten de provincie Zuid-Holland.
G.S. 24 Januari 1893 no. 52/1, D. van Warendorp, sluiten van herbergen, koffiehuizen enz.

- 's-Gravenhage, den 24/28 Januari 1893.
Onderwerp: beschikking
Wij hebben de eer U hiernevens te doen toekomen onze beschikking hieronder vermeld, met verzoek die aan den belanghebbende uit te reiken na daarvan kennis te hebben genomen.
De Gedeputeerde Staten de provincie Zuid-Holland.
G.S. 24 Januari 1893 no. 53/1, A.J. Kasteelen, sluiten van herbergen, koffiehuizen enz.

- Ridderkerk 1 Februarij 1893
Aan den EdelAb. Raad der gemeente Ridderkerk.
De ondergeteekend Klaas den Ouden Gemeenteveldwachter te Ridderkerk, acht zich genoodzaakt zich tot UEdelAb. te wende, met het verzoek om vreijelijk zonder onduiking van dienst of plicht, met goed goedkeuring van het hoofd der Politie eennige somweille voorkomende buiten gewone diensten te mogen verrichten die niet in streid of hinderlijk voor zijn dagelijksche diensten zijn zoo als naar gewoonte het uitbrengen van aanslagbiljetten voor grond, en Persooneelebelasting enz.
Zoo als dit ook in andere naburige gemeenten door zijn Colegaas wordt verricht. Daar het toch bij UEdelAb. genoegzaam bekend is, als dat zijne jaarwedde [f 455] maar laag is in vergeleiking met andere en Rijks Politie vastgesteld f 640 die ook in het vooreikt van buiten gewone diensten en gratificatien zijn die hen op hun verzoek aan hunne hogere autorieteiten altijd worden goedgekeurd en toegestaan.
En daar hij een tamelijk gezin heeft te onderhouden en eerlijk en vrij van alle publiek en burgerij leeft en wenscht te blijven. Redenen waarom hij zich goedgunstig op dat zijn adres te willen beschikken.
t Welkd. K. den Ouden.

- Ridderkerk, 3 Februari 1893.
Edelachtbare Heeren,
Aangaande de beide sollicitanten, die zich voor de vacante betrekking van onderwijzer(es) aan de openbare school op het Dorp alhier hebben aangemeld, heeft de ondergeteekende de eer te berichten, dat een harer Mej. A.S. De Kroes, onderwijzeres te Barendrecht, niet het volste vertrouwen kan worden aanbevolen. Uit de ingewonnen inlichtingen toch blijkt, dat ze in de betrekking welke ze gedurende 8 jaren bekleedt, steeds haren plicht getrouw heeft vervuld; met zachtheid en tact de leerlingen heeft weten te leiden, dat de toegenegenheid welke deze haar toedragen, haar het handhaven van orde en tucht zeer gemakkelijk heeft gemaakt en dat daar ze behalve de bevoegdheid voor vak k, ook de akte voor de fraaie handwerken bezit, ze ten volle berekend is voor het onderwijzen van de vrouwelijke handwerken.
Ten opzichte der nadere sollicitante Mej. M.W. Van Nes, onderwijzeres te Mookhoek, zal hij kort zijn. De inlichtingen, zoowel mondelinge als schriftelijke aangaande hare plichtsbetrachting en theoretische bekwaamheid zijn gunstig, maar die betreffende hare practische geschiktheid - waarop het toch voornamelijk aankomt - zeer tegenstrijdig en gedeeltelijk van dien aard, dat hij, met het oog op de belangen der school, tot zijn leedwezen de verantwoordelijkheid van eene aanbeveling kan noch mag aanvaarden.
Hoogachtend Het Hoofd der Shcool P.J. Emck.

- 's Gravenhage, den 14 Februari 1893.
Onderwerp pensioen veldwachter
Naar aanleiding uwen missive dd. 11 dezer B. No. 302 heb ik de eer U mede te deelen dat bij eventueel ontslag van den veldwachter J. de Waard, door den Raad hem wel een wachtgeld zou kunnen worden toegelegd maar daarin van wege de Provincie niets zou worden bijgedragen. Uit de gemeente eene bijdrage van de provincioe dan behoort hij gepensioneerd te worden. Het gemeentebestuur heeft zich dan te wenden tot Gedeputeerde Staten met verzoek dat de Provincie daarin de helft bijdrage, hetgeen steeds wordt verstrekt.
Intusschen het wordt meer dan tijd dat J. de Waard ontslagen wordt en ik verzoek U dus het pensioneeren van de Waard ter tafel van den raad te brengen.
De Commissaris der Koningin in de provincie Zuid-Holland.

- Delft 17 Februari 1893
No. 77
Onderwerp onderwijzend personeel
div. Bijl.
met terugzending der bijlagen van Uw Schrijven van 8 dezer B no 259 heb ik de eer U te berichten dat ik na de mondelinge toelichting mij over het hoofd van de school verstrekt omtrent zijn bericht mij vereenig met Uw voorstel van de overdracht te doen luiden(?):
mo. 1 Mej. A.S. de Kroes
No. 2 Mej. W. van Nes
De schoolopziener in het dis. Schiedam
L.A. Bijbau

- 's-Gravenhage, den 25 februari 1893.
Onderwerp: veldwachter
Naar aanleiding Uwer missive dd 22 dezer B no. 312 heb ik de eer U mede te deelen dat tot 1 Maart a.s. zal worden afgewacht of door J. de Waard zijne aanvrage om eervol ontslag als veldwachter Uwer gemeente aan mij zal worden ingezonden. Mocht dit als dan niet hebben plaats gehad dan zal door mij aan hem een eervol ontslag met ingang van 1 April a.s. worden verleend.
De Commissaris der Koningin in de provincie Zuid Holland

- 's-Gravenhage, den 9/13 Mei 1893.
Wij hebben de eer U te verzoeken ons omtrent nevensgaand adres en bijlage van Klaas den Hartog, koffiehuishouder te Bolnes U willen dienen van bericht en raad. De Gedeputeerde Staten der provincie Zuid-Holland
- De Gedeputeerde Staten
der provincie Zuid-Holland
Gelezen ten adres de 11 Mei 1893 van Klaas den Hartog, koffiehuishouder te Bolnes gemeente Ridderkerk, waarbij hij in beroep komt tegen eene beschikking van Burgemeester en Wethouders dier gemeente dd 21 April 1893 houdende afwijzing van zijn verzoek om vergunning tot den verkoop van sterken drank in het klein in een perceel nabij het stoombootenveer te Bolnes wijk A no. 43;
Gezien het ingewonnen ambsbericht van Burgemeester en Wethouders van Ridderkerk dd 15 Mei 1893 B no. 371;
Gehoord het rapport van de leden der betrokken afdeeling;
Overwegens dat door den Gemeenteraad van Ridderkerk in diens openbare vergadering van 28 October 1891 ignevolge art. 2 slotbepaling ter drankwet (Staatsblad no. 118 van 1885) is vastgesteld eene verordening wier eenig artikel aldus luidt In de wijken A (Bolnes) en B (Slikkerveer) welken geene vergunningen worden gegeven tot verkoop van sterken drank in het klein.
dat mitsdien de afwijzende beschikking van Burgemeester en Wethouders op het verzoek van appellant om vergunning voor een perceel in de wijk A (Bolnes) in de bedoelde verordening steun vindt
Hebben besloten:
Met handhaving der bestreden beslissing van Burgemeester en Wethouders van Ridderkerk dd. 21 April 1893 voornoemd het daartegen door appellant ingesteld hooger beroep ongegrond te verklaren
Dit besluit zal gezonden worden aan den appellant als beschikking op zijn adres en met terugzending der bijlage daarvan en aan Burgermeester en Wethouders van Ridderkerk ter informatie.
's Gravenhage 23/27 Mei 1893
De Geduputeerde Staten voornoemd.
- 's Gravenhage 23/27 Mei 1893
Wij hebben de eer U hiernevens te doen toekomen onze beschikking hieronder vermeld met verzoek die met de bijlage gedaan aan belanghebbende uit te reiken
De Geduputeerde Staten der provincie Zuid-Holland.
G.S. No. 78/1 23 Mei 1893 K. den Hartog, Drankwet;

- Rotterdam den 28/6 1893
Naar aanleiding van art. 4 der wet van den 10 April 1869 (Staatsblad no. 65) heb ik de eer U kennis te geven, dat vergunning is verleend, om binnen uwe Gemeente te begraven, het lijk van M.R. Bakker
De Ambtenaar van den Burgerlijken Stad der Gemeente Rotterdam

- Dordrecht, den 10 februari 1893
Onderwerp: HERIJK 1893
Naar aanleiding van het besluit van Heeren Gedeputeerden Staten der Provincie Zuid-Holland van den 20sten December 1892 No. 4/1 (Provinciaal Blad No. 87) heb ik de eer UEA mede te deelen, dat de zittingen voor de Herijk der Maten en Gewichten voor Uwe gemeente zullen hebben te Ridderkerk op 22, 24 en 25 Juli van 9 1/2-12 en van 12 1/2 -3 uur
met beleefd verzoek wel ter kennis van belanghebbende te willen brengen: ....
de IJker H. BRONS MIDDEL

- (Commissariaat van politie te Dordrecht) DORDRECHT 20 oct. 1893.
Ik heb de eer UEdA in verband met mijne schrijven van gisteren Lett. A No. 407 te berichten dat het lijk van Ferdinand Hermann Heinrich Bietz, heden in de rivier onder de gemeente 's Gravendeel is gevischt.
De Commissaris van Politie Ulrich
Aan den heer Burgemeester van Ridderkerk
- Sedert den 11e dezer wordt hier vermist Ferdinand Hermann Heinrich Bietz, oud 31 jaren, boekhouder geboren te Gersleben, laatst wonende te Amsterdam, wiens signalement luidt als volgt: lang, aangezicht ovaaal, haar en zware wenkbrauwen zwart, knevel blond, oogen blauw, voorhoofd hoog, gekleed met blauw costuum, zwarte phantasiehoed, staanden boord, lange blauwe das, witte tricot onderbroek, katoenen en flanellen hemd- ongemerkt - en bottines.
Blijkens ingenomen informatie is de man het laatst gezien komende van Bolnes op den Pruimendijk, onder uwe gemeente en vermoedt men, dat hij zich in een der binnen wateren aldar, door verdrinking van het leven heeft beroofd.
Dientengevolge heb ik de eer u Edel A beleefd te verzoeken de napsoring ter uwent te willen voortzetten en voor het geval Bietz of diens lijk mocht worden ontdekt, mij daarvan onmiddellik te onderrichten.
De Commissaris van Politie.

- In het jaar 1893 op woensdag den elfde October kwam mij Marius Apman gemeente en onbezoldig Rijksveldwachter te Bolnes ter ooren dat er den elfde October des namiddags omstreeks drie uren een persoon is gekomen bij Klaas den Hartog wonende te Bolnes, heeft daar gebruikt drie glazen bier en boterham toen hij dat had gebruikt heeft zutten schrijven in zijn boekje en het weer in zijn zak van zijn overjas gestopt (gesloten) en toen heeft hij gevraagd aan de vrouw van K. den Hartog of er geen plaats was om te wateren waarop zij hem plaats heeft gewezen toen is die persoon buiten gegaan zijnde omstreeks half vier en is niet meer terug gekomen tot heden, met achterlate van zijn zwarte zijde pareplui en een grijzen overjas waar van de inhoud was een paar boekjes en wat losse papieren van geen waard volgens die papieren moet het wezen H. BIETS duiser (duitscher), wonende te Amsterdam.
Hij was gekleed met een blauw pak zwarte hoed witte kraag en borst, volgens opgaven was hij tamelijk lang, bleek van gezicht geen baart maar blonte knevel.
Daarna is hij volgens opgaven gezien kwart voor vier ure van die zelfde middag bij het huis ten DONK, door Arkelens daar lag hij in een roeiboot hij is omstreeks vier ure weer weg gegaan. Daarna is hij volgens opgave gezien door Verkerk, aande Molendijk bij de Veerdam zijnde omstreeks halfzes ure van die zelfde midddag.
Daarop is gekomen Maandag 16 October een bierrijder uit Dordrecht bij K. den Hartog en zijn in de praat gekomen over die verdwenen persoon zoo dat die Bierrijer meende daar kennis aan te hebben heeft gezegd ik morgen zijn vrouw streren die is bepaalt in Dordrecht.
Daarop is Dinsdag 17 october s morgens omstreeks half acht ure verschenen bij K. de Hartog te Bolnes
J. Dirksen logementhouder Wijnstraat N. 64 Dordrecht met de vrouw van de verdwenen persoon.
Die vrouw heeft verteld dat haar man is Woensdag 11 October weg gegaan bij haar van daan volgens afspraak zou hij gaan naar Gurkom (Gorinchem) en zou die zelfde dag bepaald weer thuijs en hij is niet gekomen.
Zij had maandag 16 October gehoord van die bierrij(d)e(r) als dat er te Bolnes op zoo manier een persoon vertrokken was het welk haar verontruste en is daarom komen kijken of zij ook de achter gelaten jas mocht erkenne.
toen heeft de Hartog haar eerst gevraagd voor dat hij liet zien twee of het er uitzag, toen heeft die vrouw gezegd het is een grijze overjas en daar kan in zitte, twee gewone schrijfboekjes en portevulie (portefeuille) met losse papieren waar ook bij is brand polis en Duitsch zakboekje en er tegen in zitten een witte zakdoek met twee roode letter A.M. en het moet zijn een zwarte zijde parapluie met krom handsvat, toen heeft den Hartog het haar laten zien om dat het geheel overeen kwam met het geen bij hem was achter gelaten, en heeft hij toen die vrouw nog gewezen op het geen die verdwenenen hat zitten schrijven waarop zij onmiddellijk in erkende het schrift van haar man was toen heeft den Hartog gezegd om ik gelooft gerust dat het van U is als omdat alles netjes uitkomt als u mij nou de veertig centen betaalt die hij hier verteerd heeft dan kan u goed mee nemen en dat hebben zij gedaan.

- 's Gravenhage den 6 November 1893.
Onderwerp: Rijksveldwacht.
Naar aanleiding van Uw brief dd 13 October jl. B no. 490 heb ik de eer U hierbij afschrift eener missive van den heer Minister van Justitie dd 31 dier maand no. 145 2e: afd. 6, te doen toekomen.
De Commissaris der Koningin in de provincie Zuid-Holland.

- Afschrift behoorende bij missive dd 6 November 1893 A no. ..
Departement van Justitie 2e Afdeeling C
No: 145
's-Gravenhage den 31 October 1893
Ik heb de eer U mede te deelen dat vermits de klapwaker-agent van politie der gemeente Ridderkerk J. van Gameren niet voldoende bedreven is in het opmaken van een proces-verbaal hem althans voorloopig geene aanstelling tot onbezoldigd rijksveldwachter kan worden verleend.
Uw schrijven dd 27 dezer A no. 2014, (4e afd.) had tot deze zaak betrekking.
De Minister van Justite (get.) Smidt
Voor eensluidend afschrift
De Commissaris der Koningin in de provincie Zuid-Holland

- Politie te Arnhem
Arnhem 27 November 1893
Ik heb de eer UEd. Achtb. te berichten dat gisteren alhier eene Duitsche vrouw genaamd MATHILDA HEINEMAN te kennen heeft gegeven in den Rijn te zullen springen en zich zoodoende van het leven te zullen berooven.
Het signalement dezer vrouw voor zoover dit bekend is, luidt als volgt:
Ouderdom 22 jaar, tamelijk lang, aangezicht ovaal; oogen, haar en wenkbrauwen donker, kleur gezond, postuur gezet. Zij was gekleed in eene geruite morgenjapon en blootshoofd.
Beleefd verzoek ik U ingeval een lijk ten Uwent wordt opgevischt hiermede in kennis te worden gesteld.
De Comm. v. politie.

Laatst gewijzigd: oktober/december 2017, februari-maart-april 2018.